Archive for November, 2010

Gladheid

Als heel Nederland platligt, is de wereld te klein. Dan gaat het nieuws eventjes niet over stervende kindertjes in een of ander Biafra-land. Niet eens over atoomprogramma’s van Borderline-regimes. Laat staan over de zoveelste o-mijn-God-dit-is-de-grootste-natuurramp-ooit-dus-laten-we-snel-geld-storten-zodat-ze-hetzelfde-dorp-weer-precies-op-dezelfde-plek-kunnen-opbouwen vulkaanuitbarsting. Nee. Dan gaat het over de eerste vorst en alles wat daarbij hoort: files die langer zijn dan de totale lengte aan asfalt, een falend ProRail, nee!, NS, nee!, ProRail, nee!, NS, nou ja, iets met treinen.

Vorst is fijn, mensen. Door dat collectieve geklaag is er eventjes geen aandacht meer voor Geert Wilders. Heerst er een kumbaja-sfeer onder gestremde reizigers. Kun je weer eens lachen om vallende mensen. Word je zelf minder snel uitgelachen als je van nature toch al spastische bewegingen maakt. (Klinkt onsamenhangend in deze opsomming, maar veel Nederlanders durven gewoon niet te lachen om de stomheid van een ander.) Rijden er minder auto’s en dus is er minder uitlaatgas, wat betekent dat er ergens in Nederland minder bosmarmotten sterven en jij weer een extra sigaretje kunt opsteken. Kun je jezelf verbazen over hoe debiel obsessief mensen zijn over schaatsen, elfstedentochten en erwtensoep-met-nu-nog-meer-UNOX-worst-en-gratis-walgelijk-lelijke-gadgets.

Alleen die kou. Tja. Weer een reden om extra veel van de warmte te houden en te bedenken hoe fijn het is om lang te reizen en uiteindelijk te emigreren. Of om fijn knussig tegen elkaar aan te kruipen. En dan samen te hopen dat het snel weer wat warmer wordt.

1 Comment

Puntpaprika

Als ik groene vingers had, zou ik zeker puntpaprika’s verbouwen. Waarom? Waarom niet. Die dingen zijn zoeter dan appels, lijken op pepers en hoe koel is het om net te doen of je zo een hele peper verorbert, zijn er in allemaal fancyshmancy kleurtjes en bevatten haast geen pitjes. Punt lijkt me duidelijk.

Ik zie het al voor me. Dat ik dan als een Bob Ross veilige plekjes mag creëren voor mijn paprikapitjes. En dan zou de eerste regel van het puntpaprikatelen zijn, dat je liefde geeft en praat tegen de pitjes. En dat leden van de puntpaprikafanclub daarom spreken van ‘opvoeden’ in plaats van ‘verbouwen’. Dan krijg je dus kindjes in alle kleurtjes. Ben je ook nog eens multi-culti bezig.

Puntpaprika’s werken trouwens ook heel goed als gespreksstarter, heb ik gemerkt. Héél goed. Zo niet, probeer de pastinaak.

Leave a comment

Kakkerlakken

Kakkerlakken zijn vies. Ja. Maar ook reuzekoel. Ze kunnen niet alleen door en langs alles heen kruipen, zo heeft Indiana Jones me doen geloven dat ze ook atoomoorlogen overleven. Wie overleeft nou een atoomoorlog? Dus ja, het heeft niet echt veel zin om die dingen te bestrijden met insecticide.

Op Cuba had ik een gemuteerde krekel in mijn kamer die ik absoluut niet wilde definiëren als kakkerlak. Stel je voor. Dan kom je er dus mooi niet meer vanaf! Toch vond ik het met al die power-outs niet zo fijn om gemuteerde krekels als kamergenootjes te hebben. Met Indiana Jones en Bear Grills in mijn achterhoofd, heb ik dat ding op een geheel mannelijke Discovery-Channel-achtige survivalmethode met een omgekeerde vuilnisbak, twee zware glazen en een daarvoor-afgebroken bedlatje richting deurdrempel gewerkt. Vervolgens heb ik de deur dichtgeslagen en zenuwachtig giechelend staan luisteren naar hoe de vuilnisbak naar beneden kletterde. De volgende dag werd ik wakker met de gemuteerde krekel boven de deurpost.

Dus. Kakkerlakken moet je maar gewoon accepteren als je ze hebt. En dan lief maken, want anders blijf je er bang voor. Mijn kakkerlak heette ‘My first Sony’, en werd mijn vriendje. Ik werd rustig van zijn schattigheid. Van de rode vlekjes op zijn hoofdje. En van zijn logge antennes die vrolijk dansten als hij doodgeslagen muggen verorberde en leegzoog. Ik mis hem.

Leave a comment

LB-Waterautomaat

Wie zegt dat studeren in de letterenbieb saai is, heeft deze awesome waterautomaat nog niet gezien. Wat. Automaat? Ik wed dat het een Transformer is. Of nou, ja. In ieder geval doet het ding enorm enthousiast met allerlei armpjes heen en weer bewegen. En dan klinkt het alsof er een vliegtuig opstijgt. Als de arm het flesje naar een of ander luikje brengt, draait dat open. ‘Houd je handen uit de buurt!’, laat een tekeningetje dan weten. Telkens betrap ik mezelf erop dat ik toch weer gespannen afwacht wat dat luik verbergt. Beste van allemaal? Dat robotarmsysteem maakt bij iedere rij en elk vakje een ander spacend dansje. Ja nee ja nee ja, ik ben daarom al 8euro kwijt voor flesjes water van 33cL. Pff.

Leave a comment

%d bloggers like this: